Het Gen Z-puberbrein: hoe ga je daar als ouder mee om?

Als aan het eind van de middag de klaslokalen leeg zijn, organiseert Luzac regelmatig voor ouders de Luzac onderwijscafés. Van een wijnproeverij tot een lezing over studiekeuzes: ouders komen samen voor een gezellige en informatieve avond. Zo stonden de onderwijscafés op onze vestigingen in Den Haag, Hilversum en Luzac Alkmaar in het teken van het puberbrein. Deze lezingen werden verzorgd door de experts van Youngworks en hetishiergeenhotel.nl. Er werd gelachen om herkenbare voorbeelden, inzichten opgedaan over waarom pubers doen wat ze doen en hoe je als ouder het beste dat ongrijpbare puberbrein kan helpen bij de ontwikkeling.

Het puberbrein in een notendop

Van kamers die als vuilnisbelt dienen tot 8-urige gamesessies en altijd te laat (thuis)komen: als puberouder ken je het wel. Hoe komt ’t dat pubers vaak gekke keuzes maken? Dat komt door het puberbrein, een brein met een status aparte.

Tijdens de pubertijd is het puberbrein letterlijk niet in balans. Dat komt omdat niet alle hersendelen van het brein zich gelijktijdig ontwikkelen. Het voorste hersengedeelte, de prefrontale cortex, groeit minder snel. En daar zit nou net de afdeling: planning, controle, consequenties van je beslissingen overzien en je emoties reguleren. Als je puber vaak op de fiets appt en denkt dat een diepvriespizza met plastic en al in de oven doen een goed idee is, komt dat door de tragere ontwikkeling van die prefrontale cortex.

Het puberbrein is dus volop in ontwikkeling en dat kan helaas wel duren tot het 25ste levensjaar. In de tussentijd zijn pubers constant onderhevig aan fysieke veranderingen, zich aan het identificeren en nemen ze afstand om zichzelf te vormen. En dat zie je terug in het gedrag van je kind. Ze zijn snel getriggerd en afgeleid, beïnvloedbaar door hun sociale omgeving en sneller geneigd om risico’s te nemen.

Als ouder heb je dan de ondankbare taak om tot de volgroeiing van het brein te fungeren als de prefrontale cortex van je puber: helpen plannen, herinneren en consequenties van beslissingen inzichtelijk maken. Voorkom wel de zogenoemde ‘reparatiereflex’: als je kind een fout maakt, dan leert hij er alleen van als hij het ook zelf moet oplossen. Je kunt natuurlijk wel een richting of advies geven.

Heeft het puberbrein dan alleen maar nadelen? Zeker niet! Ze leren namelijk snel nieuwe dingen, staan open voor nieuwe ervaringen en komen op de meest creatieve oplossingen. En ze kunnen zich wél goed focussen als ze het nut en de noodzaak ervan inzien.

Het puberbrein van generatie Z: de digi savvy generatie

Generatie Z is geboren tussen 2000 en 2015, sterk gevormd door digitale mogelijkheden en vaak één met de smartphone. Ze zijn gewend om constant in verbinding te kunnen staan met de hele wereld en worden overspoeld met informatie over de hot topics. Dat maakt ze tevens een kei in navigeren op het internet. Hun spanningsboog is kort, maar ze kunnen deze informatie ordenen als geen ander. Laat uw kind vooral gebruikmaken van alle digimogelijkheden, maar stimuleer hem ook om een offline leven op te bouwen.

Persoonlijke idealen

Pubers leren zichzelf kennen en ontwikkelen persoonlijke idealen. Ze groeien op in een ‘woke’ wereld en zijn bewust van maatschappelijke onderwerpen, zoals klimaatverandering. Gen Z groeit daarnaast op in de meest diverse samenleving ooit, waardoor ze een inclusieve houding hebben. Ze streven naar een gelijke behandeling en houden niet van hiërarchie en autoriteit.

Dat geldt niet alleen op straat en in de klas, maar ook thuis. Bevelhuishoudens hebben plaatsgemaakt voor onderhandelingshuishoudens, waarin kinderen meepraten over wat er ’s avonds gegeten wordt en de toekomstige vakantiebestemmingen. Meepraten maakt mondig. Dat pakt misschien niet altijd even goed uit, er zit een verschil tussen mondigheid en brutaliteit. Wat het verschil is, is voor de puber nog weleens lastig te bepalen. Daar kun je als ouder mee helpen.

Focus op zelfontplooiing

Pubers ontwikkelen hun identiteit. Alles wat ze meemaken is van invloed op hun zelfbeeld. Zelfontplooiing staat in het puberleven van generatie Z centraal. Ze nemen de regie zelf in handen en zijn op jonge leeftijd al toekomstgericht. Werk moet nuttig en interessant zijn. Ze investeren dan ook graag in onbetaalde stages en vrijwilligerswerk. En een groot deel van Gen Z geeft aan een eigen bedrijf te willen starten.

Die ambitieuze mindset komt niet uit de lucht vallen. De individualisering gaat namelijk binnen onze liberale samenleving hand in hand met een individuele opvatting van maakbaarheid. Succes heb je zelf in de hand: het is een resultaat van persoonlijke inspanning. Zo lijkt succes een keuze. Dit maakbaarheidsdenken is stevig geïnfiltreerd in de hersenpan van pubers. Uit onderzoek blijkt dat 87% van de jongeren zeker weet dat ze op een dag hun dromen zullen waarmaken.

Hoe ga je het beste met een puber om?

School, huishoudelijke taken en regels over drankgebruik: het zijn niet de meest favoriete gespreksonderwerpen aan de eettafel. Maar aangezien de prefrontale cortex van je kind soms nog te wensen overlaat, wil je wel goed met je kind kunnen communiceren. Hoe pak je dat het beste aan?

Communicatie heeft geen nut als je puber jouw boodschap niet ontvangt. Of pubers naar je luisteren in afhankelijk van meerdere factoren. Zijn er leeftijdsgenoten aanwezig die de puber kunnen beïnvloeden? Zit er een instructie bij een gegeven taak? En zien ze die eerder genoemde nut en noodzaak in van wat je vraagt? Probeer momenten te creëren waarbij er gelegenheid is om met elkaar te praten. Het aanhalen van het nieuwshaakje kan een mooie opening zijn. Pubers vinden het vaak lastig om je tijdens een gesprek aan te kijken. Daarom kun je het beste een gesprek over dat gevoelige onderwerp aanknopen tijdens het koken, een wandeling of in de auto (dan kunnen ze ook niet weg).

Daarnaast vormt de Onnio-methode een goed hulpmiddel. Deze houdt in:

oprecht spreken
naast elkaar
niet preken
ik-boodschap
open vragen stellen

Papa en mama blijven favoriet

Uit onderzoek blijkt dat het rolmodel van een puber het vaakst zijn vader of moeder is. Het goede voorbeeld geven helpt dus weldegelijk, net zoals je kind op een positieve manier motiveren. Veel ouders hebben de neiging om hun kind te laten weten hoe uniek hij is. Dat is goed bedoeld, maar ‘uniek zijn’ levert ook een grote druk op. Pubers willen niet per se anders zijn dan hun vrienden en uniek zijn biedt ook geen garantie op een goede toekomst. De jongeren van nu krijgen het niet automatisch beter dan hun ouders. Het helpt dan ook als je dat niet verwacht. Waardeer de inzet van je kind. Het gaat niet altijd om het resultaat, maar om de vooruitgang. Het resultaat volgt vanzelf.

Pubers: je kunt ze soms wel achter het behang plakken als de drankvoorraad verdwenen is, er een vuurwerkbom is gemaakt of hij onbesproken verdwijnt in de nacht. Maar ’t laat je misschien ook wel terugdenken aan je eigen jeugd. En zijn die fouten nou niet net de dingen die nog steeds een lach op je gezicht toveren als je eraan terugdenkt?

Jouw puber motiveren om het beste uit zichzelf te halen? Lees onze whitepaper ‘Pubers motiveren’

Lees meer over pubers, hun motivatie en concrete motivatietips in onze whitepaper ‘Pubers motiveren’!